| Deel 1, grondbeginselen | |
| 1.3.001 | Iedere licentiehouder dient
er voor te zorgen dat zijn uitrusting ( fiets ..., helm, kleding) , noch
door uitvoering, materiaal of uitvoering) een gevaar voor hem of anderen
kan vormen.
zijn nu alleen fietsen uit schuimrubber toegelaten? |
| 1.3.002-1.3.003 | CYA (=cover your ass): wat er ook gebeurt, de UCI heeft het niet gedaan |
| 1.3.004 | Behalve bij Mountain bikes
mogen technische innovaties .... niet worden gebruikt totdat de UCI ze
heeft goedgekeurd.
.... Een technische innovatie is alles wat we niet in dit reglement hebben voorzien. |
| 1.3.005 | 'Als de UCI vindt dat iets een technische innovatie is ben je altijd (voor, in en na koers) de klos' |
| Deel 2, fietsen | |
| inleiding | Fietsen moet beantwoorden aan de geest en de praktijk van het wielrennen. De coureurs bestrijden elkaar op grond van gelijkheid. De mens is belangrijker dan de machine |
| 1 Principes | |
| Definitie
1.3.006 |
Een fiets is een tweewielig voertuig met wielen van gelijke diameter . Het voorwiel dient bestuurbaar te zijn, het achterwiel dient te worden aangedreven dmv een crankstel en een ketting. |
| type
1.3.007 |
Fietsen en accessoires dienen
van een type te zijn dat verkocht wordt of zou kunnen worden voor gebruik
door alle beoefenaren van de wielersport. Het gebruik van materiaal dat
speciaal ontworpen is voor het volbrengen van een bepaalde prestatie (records
of anderzins) is verboden.
Een prachtig artikel, maar hoe je het moet lezen staat er niet bij. Is een 65 cm frame verboden omdat je het zo moeilijk aan kleine kereltjes verkoopt? Zijn derailleurs verboden omdat baanrenners ze niet willen hebben? Wordt je gediskwalificeerd als je wedstrijdwielen steekt? Durf je nog met Campagnolo Record te rijden? |
| Zitpositie
1.3.008 |
De -basis- positie op de fiets is zittend. De enige ondersteuning wordt gevormd door de punten: pedalen zadel en stuur. |
| Besturing
1.3.009 |
De fiets moet uitgerust
zijn met een stuurinrichting voorzien van een stuur, dat het mogelijk maakt
de fiets onder alle omstandigheden veilig te besturen en van richting te
doen veranderen.
Zo'n 'wonderbar' willen we allemaal wel. De uitvinder van zo'n alleskunnend stuur kan bovendien een paar Nobelprijzen voor fysica te gemoet zien. |
| voortbeweging
1.3.010 |
De fiets zal uitsluitend voortbewogen worden door de benen, in een rondgaande beweging met behulp van een crankstel, zonder electrische of andere ondersteuning. |
| Wordt het niet eens tijd dat de jury bij veldrijden eindelijk eens het reglement toepast? | ![]() |
| 2 Technische specificaties | |
| 1.3.011 | Tenzij anders aangegeven hebben de volgende artikelen betrekking op fietsen voor de weg, de baan en het veldrijden. |
| afmetingen
1.3.012 |
een fiets zal niet langer zijn dan 185 cm en niet breder zijn dan 50 cm. (Tandem resp 270 & 50 cm) |
| 1.3.013 | De neus van het zadel moet
minimaal 5 cm achter de loodlijn door het bracket staan. Om ergonomische
redenen mag de afstand verkleind worden, mits je dit meld aan de jury.
In dit geval mag echter de loodlijn vanaf de voorkant van de knieschijf
niet voor de pedaalas uitkomen, bij horizontaal gestelde cranks (bij
controle over het zadel schuiven tot het klopt)
Bij baanfietsen (sprint, keirin, 500 en 1000m sprint) is de minimum afstand 0 cm. Hier gelden geen uitzonderingen voor kleine renners. (lekker makkelijk meten, maar voor kleine renners betekent dit duidelijk iets anders als voor renners met lange benen.zie ook 1.3.016 |
| 1.3.014 | Het zitvlak van het zadel
moet horizontaal staan (bijstellen in een klimkoers?) De zadellengte is
minimaal 24cm en maximaal 30 cm
Vroeger mocht het zadel maar 275 mm lang zijn, maar geen fabrikant die zich daar aan hield! |
| 1.3.015 | brackethoogte 24 cm minimum, maximum 30 cm (hart as tot grond) |
| 1.3.016 | de horizontale gemeten afstand
tussen hart-trapas en hart voorwiel is minimaal 54cm, maximaal 65. Om ergonomische
redenen mag de afstand verkleind worden, mits je dit meld aan de jury.
In dit geval mag echter de loodlijn vanaf de voorkant van de knieschijf
niet voor de pedaalas uitkomen, bij horizontaal gestelde cranks.
Twee dingen vallen op: grote lange renners mogen doodvallen (hoewel een 65 cm 'wielbasis' wel vrij lang is, en de framebouwer wel wat ruimte geeft), en het is kleine renners verboden om met de knieschijf voor de pedaalas uit te komen. Dat doe je als je de zitpostie kantelt om een diepere zit te krijgen. Een kleine baanfiets moet je dus een luie stuurhoek geven (om boven die 54 cm te blijven) , of je kunt niet met een vlakke rug rijden (zie 1.3.013). Dit Knee over Pedal Spindle (KOPS) syndrome is nog een historische overlevering, wetenschappelijke waarde heeft het niet. De achtervork moet minimaal 35cm, maximaal 50 cm lang zijn (horizontaal gemeten) |
| 1.3.017 | Voorpadden mogen maximaal 10.5 cm uit elkaar staan, achterpadden 13.5 cm |
| 1.3.018 | Uitwendige diameter van
wiel met band maximaal 70 cm, minimaal 55cm Bij cyclocross mag de
band maximaal 35 mm (Historisch moment: de UCI ontdekt de millimeter!)
breed zijn.
Zin in ruzie maken? In de engelse text worden spikes verboden, in de franse zijn ze die regel vergeten. Bij verschillen geldt dacht ik de franse text! Wielontwerpen moeten vooraf worden goedgekeurd door de UCI Dit laat onverlet de werking van art 1.3.004, 1.3005 (nieuwe technologie)
|
| b) Gewicht | |
| 1.3.019 | Een fiets mag niet minder dan 6.800 kg wegen |
| Merk op dat het voor de UCI niet van belang is of een fiets is volgehangen met remmen, schakel en remhendels, meervoudige cassette en vrijloop, uitvalspanners, bidonhouders, fietscomputer, voor en achterderailleur, 25 cm extra ketting, extra binnenblad, en rem en derailleurkabels, of juist niet. Dat wordt dus bij een simpel klein baanfietsje nog knap oppassen! | ![]() |
| c) Vormgeving | |
| 1.3.020 | Voor niet-individuele wegwedstrijden
(Niet
individuele wegwedstrijden zijn hier alle wegwedstrijden met uitzondering
van individuele tijdritten en tijdritten voor ploegen tot 4 personen)
en cyclecross moet het frame de klassieke diamantvorm hebben. Het frame
zal bestaan uit rechte of conisch verlopende buizen (rond, ovaal, afgeplat,
druppelvorm of anders). De vorm van de buizen moet zodanig zijn dat over
de lengte een rechte lijn wordt ingesloten (ie de buis is niet zo krom
dat je er niet doorheen kunt kijken ) De buizen worden als volgt
geordend: de bovenbuis verbindt de bovenkant van de balhoofdbuis met de
bovenkant van de zitbuis. De zitbuis (waar de zadelpen uitsteekt) is verbonden
met het bracket. De onderbuis verbindt het bracket met de onderkant van
de balhoofdbuis. De achterdriehoeken worden gevormd door de vorkscheden,
de staande vorken en de zitbuis, waarbij de bevestiging van de staande
achtervork niet buiten de begrenzing van de bovenbuis uitkomt. (een
monostay-achtervork is hiermee verboden)
De buizen zijn maximaal 8 cm hoog en minimaal 2,5 cm dik. Voor de staande en liggende achtervork geldt een minimum dikte van 1 cm. De voorvorkscheden zijn recht of gebogen, en minimaal 1 cm dik. |
| een frame met S-bend achtervorken is gauw illegaal. | ![]() |
| 'het moest verboden worden' ! (helaas gelukt) | ![]() |
| In de conceptversie van het reglement was dit frame nog verboden | De bovenbuis mag schuin
aflopen, mits deze past binnen een horizontale balk van 16cm hoog en minimaal
2,5 cm dik. (de aderverkalking of de alcohol heeft al zo hard toegeslagen
dat ze a) vergeten dat ze 3 regels terug al een minimum buisdikte hebben
geformuleerd, en b) niet doorhebben dat 'passen binnen minimaal 2.5 cm'
niets definieert)![]() |
| Dit plaatje zwerft ook
nog ergens zonder begeleiding in het reglement
Uit deze vondeling kun je kennelijk opmaken dat de vormgeving in het gele gebied (een driehoek met zijden van 80 mm) vrij is |
![]() |
| 1.3.021 | Voor individuele tijdritten, tijdritten voor teams van maximaal 4 personen of voor baanwedstrijden mag een frame bestaan uit buizen of massieve delen, samengesteld of in een stuk vervaardigd. De vorm (zoals bijvoorbeeld een wiegframe, een boogframe of een kruisframe) is vrij, mits de elementen inclusief de trapaslagering waaruit het hoofdframe is opgebouwd passen binnen de driehoekige begrenzing zoals aangegeven in artikel 1.3.020. |
![]() |
|
| 1.3.022 | In wedstrijden anders als
omschreven in 1.3.023 mag alleen een klassiek racestuur worden gebruikt
(ill. vormgeving l) . Het greepgedeelte moet liggen in het gebied dat begrensd
wordt door: boven: de horizontale lijn vanaf de bovenkant van het zadel
(b), onder: de horizontale lijn door de bovenkanten van de twee wielen
(die van gelijke diameter zijn (die wielen staan ook al in 1.3.006,
maar Alzheimer rules! ) achter: de hartlijn door de balhoofdbuis,
voor:een vertikale lijn 5cm voor de vooras gelegen. (zie illustratie).
Voor fietsen voor de disciplines sprint, keirin of olympische sprint wordt
de voorste begrenzing gegeven door een vertikale lijn 10 cm voor de vooras.
De aan het stuur bevestigde remgrepen bestaan uit steunen (handgrepen)
met hefbomen. De remmen moeten vanaf de handgrepen bediend kunnen worden.
Uitsteeksels of een aanpassing van de bevestiging om de gebruiksmogelijkheden
te veranderen zijn verboden.
De combinatie met een systeem om de derailleurs te bedienen is wel toegestaan. |
| de achterste vertikale begrenzing van het stuur is krap: Bij een normale stuurbocht en een voorbouw van 100 mm kan het al nodig zijn een stuk van het stuur af te zagen! | ![]() |
| 1.3.023 | Voor individuele tijdritten
en tjjdritten voor ploegen van maximaal 4 personen op de weg, en voor de
baanwedstrijden: individuele- en ploegen achtervolging, kilometer, 500
m. en recordpogingen, mag het stuur voorzien worden van een verlenging.
Deze mag niet verder uitsteken dan 75 cm voor het hart van het bracket,
terwijl de andere begrenzingen worden gevormd door de lijnen b,c,d (zie
illustratie)
Voor individuele tijdritten en ploegtijdritten voor maximaal 4 personen op de weg mogen de derailleur of remhandles uitsteken voorbij de 75cm lijn, tenzij dit kennelijk gebeurt om een ander gebruik mogelijk te maken, zoals een naar voren verlengde handgreep. Voor baanwedsrijden zoals aangegeven in artikel 1.3.023 mag de voorste begrenzing worden verplaatst tot 80 cm, als dit uit ergonomisch oogpunt noodzakelijk is. Ergonomisch oogpunt zal hier betrekking hebben op de lichaamslengte of de lengte van de ledematen van de coureur. In dit geval zal de rijder dit melden aan de jury bij het presenteren van zijn licentie. In dit geval kan de jury de volgende controle uitvoeren: in zitpositie zal de hoek tussen onder- en bovenarm niet groter zijn dan 120 graden. |
![]() |
|
| 1.3.024 | Iedere inrichting, aangebracht
of opgenomen in de constructie, met het doel of het effect de luchtweerstand
te verminderen, of kunstmatig voortstuwing op te wekken, zoals windschermen,
omhullingen, vleugelprofielen of anderszins zijn verboden.
Onder een windscherm wordt verstaan een onderdeel dat is aangebracht voor een ander vast onderdeel van de fiets om de luchtweerstand te verminderen. (de grootste luchtweerstand wordt uiteraard gevormd door de coureur, en daar mag nu wel een stroomlijn voor ????) Een vleugelprofiel wordt gedefineerd als een vergroting of een stroomlijnvormige aanpassing van een buis of onderdeel. Toegestaan wordt een maximale doorsnede-lengte verhouding van 3. (kan iemand dit rijmen met de 8x 2.5cm grens uit 1.3.020? , en hoe zit het als je een buis schuin zet: een ronde onderbuis zit dan al op 1:2, of mogen we die behulpzame pijlen'direction' in de UCI-illustraties vergeten) Onder een windscherm wordt ook verstaan het gebruik of de aanpassing van een onderdeel zodanig dat een bewegend deel (zoals wielen of het crankstel) wordt omsloten. Het moet derhalve mogelijk zijn een stijve kaart (credit card) tussen het vaste en bewegende deel te steken |
| 1.3.025 | Een freewheel, meerdere
versnellingen en remmen zijn tijdens trainingen of wedstrijden op de baan
verboden.
Een Cyclocross fiets mag niet uitgerust zijn met schijfremmen |