De eerste keer

(eerder verschenen in de wereldfietser 1999-2)
(c) 1999-2007 m.s.gerritsen


Als je met de fiets op vakantie wilt heb je een daarvoor ge-eigend vervoermiddel nodig. Ervaren vakantiefietsers hebben vaak een speciaal ge- of verbouwde randonneur, maar voor de beginner is dat toch wat overdreven.  Want voor de eerste vakanties zal het materiaalbudget bescheiden zijn (naast fiets moet er nog wel meer aangeschaft worden), en wie zegt dat het op deze wijze vakantie houden bevalt. Bovendien weet je met wat ervaring veel beter wat je echt verwacht van je fiets.
Het is dus niet raar om te proberen met een beperkt budget je huidige fiets (of een bruikbaar tweedehandsje in de goede maat) aan te passen, hoewel niet alle fietsen even geschikt zijn. Een vakantiefiets heeft minimaal twee remmen en een aantal versnellingen, dus Hollandse fietsen vallen af. Op een terugtraprem kun je in de heuvels al gauw een ei bakken (wat in vliegende vaart lastig is) en trommelremmen/rollerbrakes raken ook makkelijk oververhit.
Wel voor ombouw in aanmerking komen grofweg racefietsen, hybrides en ATB's.

Racefiets
Voor een snelle vakantie op goede wegen kun je overwegen een racefiets te gebruiken. De nadelen waar je dan tegen aan loopt zijn de beperkte bagagemogelijkheid (vaak ontbreken oogjes voor de drager en de achtervork is kort), de smalle banden, en het te hoge verzet. Maar doe je hotels of ga je met zijn tweeen (dan vervoer je per persoon maar een halve tent en een halve keukenuitrusting) dan is een aagepaste racefiets het overwegen waard.
Moderne raceframes hebben vaak geen spatbordoogjes, zodat het lastig is een bagagedrager aan het frame vast te maken. Veel uitvaleinden van stalen racefietsen hebben echter een driehoekig gat waar speciale bout-setjes in passen (oa Blackburn, maar helaas al heel lang niet meer gezien) wat een betere oplossing is dan de dragerpoten met blikken klemmetjes om de staande achtervork te fabrieken. Aluminium fietsen hebben soms hele dikke padden waar de fabrikant vergeten is de gaatjes in te boren. Dat  kun je dan alsnog -laten- doen. Boven bij de rem moet je óf toch buisklemmetjes toepassen, óf een drager kiezen die met een enkele bevestiging naar de bout van de rem gaat. Zoek in ieder geval een gelaste drager uit zonder draaipunten en met twee of meer poten per kant, want die heeft stabiliteit van zich zelf. En dan heb je meer speelruimte met de niet optimale bevestiging.
Heb je op de voorvork geen spatbordoogjes dan zou ik geen voordrager aanraden. Een voordrager die alleen maar met klemmetjes vastzit en daarom misschien in de spaken slaat is een te groot risico. (uitzondering hierop specialistiche dragers zoals de Limpet of die van (reclame) Old Man Mountain)
Monteer achter de breedste band die nog past. Kritiek is meestal de bandhoogte, die met de breedte ook toeneemt. Aan spatborden hoef je al helemaal niet te denken, maar zelfs dan is 25 of 28 mm al gauw het grootste wat je door de rem heen krijgt. Je zult dus extra voorzichtig door kuilen moeten rijden, omdat je een grotere kans op stootlekken houdt. Een dikkere band voor is om het veercomfort natuurlijk prettig, maar technisch minder noodzakelijk. Met standaard wielen (i.e. 36 spaaks-cassettenaaf) kom je een heel eind, mits de velg redelijk is en de spaken nog strak staan. Maar neem voor de zekerheid toch maar reservespaken mee.
Een raceverzet is onbruikbaar op vakantie, want de eerste versnelling is nog veel te hoog voor alle bagage. Optimaal is het crankstel te vervangen door een drievoudig exemplaar, maar de daarbij benodigde nieuwe voorderailleur en eventuele schakelgreep drijven de kosten hoog op. Voordeliger is het om het standaard crankstel te handhaven (monteer wel het kleinst mogelijke binnenblad, tegenwoordig meestal 39 tands, vroeger 42) en de achtertandwieltjes te vergroten. Met de standaard racederailleur kun je dan tot 28 gaan, maar investeer je in een ATB-derailleur dan is 34 de grens. Maar met het normale 52 tands buitenblad zijn kleine (11 tands) kransjes zoals Shimano in de sommige megarange cassettes levert overbodig, tenzij je ver boven de 75 km/h nog denkt mee te moeten trappen.

Kostenraming (v racefiets met Shimano afmontage)
Drager (Blackburn kloon)  €  20
Achterband (binnen en buiten) €  15
39 tands blad, ketting en 7v 13-30 cassette  €  45.00
ATB derailleur €  30
(denk ook aan remkabels en blokjes, een nieuw stuurlint en misschien nog een bidonhoudertje)

ATB & Hybrides
Technisch is er weinig verschil tussen een ATB en een hybride. Een ATB heeft doorgaans 559 mm (26") wielen, een hybride 622mm (28"). Hybrides zullen vaker geleverd worden met spatborden, verlichting en dragers.
Het voordeel van de ATB is dat er standaard al een heleboel lage versnellingen aan boord zijn, en dat het bevestigen van bagagedragers op de meeste Taiwan frames ook geen probleem is. Aan de minkant staat het rechte stuur (ik geef onmiddelijk toe dat ik bevooroordeeld ben), ongeschikte banden, en als de fiets in het terrein gebruikt is vaak veel slijtage.
Bagagedragers op een ongeveerde mid-range ATB vormen meestal geen probleem. Vaak is de voorvork zelfs al voorzien van lowriderbusjes halverwege de voorvork, zodat ook het monteren van de voordrager geen problemen op hoeft te leveren. Heb je wel voorvering, dan wordt het moeilijker. Je kunt dan of de vork vervangen door een vaste (scheelt gewicht en gerammel, en echt veren doet dat 'knakenspul' toch niet) of op zoek gaan naar een drager die speciaal voor geveerde vorken is bedoeld.

old man mountain coldsprings
Spatbordruimte is er in een ATB ook voldoende, maar dat is alleen interessant als je louter op de verharde weg rijdt. Op een modderpad lopen ze vol en dan heb je er alleen maar last van. Het nut van spatborden is toch al beperkt: regent het, dan wordt je nat en vies, punt. Met spatborden duurt het alleen iets langer voor je die toestand bereikt hebt.
Het rechte stuur biedt minder mogelijkheden van grip te veranderen dan een racestuur. Bar-ends of een vlinderstuur (oa Modolo Yuma) zijn al een hele verbetering ten opzichte van de rechte pijp, en financieel aantrekkelijk. Wil je een krom racestuur op een 'bakfiets' monteren dan heb je behalve een stuurbocht (er zijn racesturen die in een ATB stuurpen passen) ook nog remgrepen en barend commandeurs nodig. Heeft de fiets V-brakes dan komen daar ook nog andere remmen of remkabel-adapters bij. Reken minimaal op €110 en een boel montagewerk.
26" ATB wielen zijn heel geschikt voor de vakantie omdat de kleinere velgdiameter sterker is. Controleer bij gebruikte wielen wel of de velg nog voldoende materiaaldikte op de remflanken heeft. Laat de lucht uit de band lopen en duw de hieldraad opzij. De meeste velgen hebben een groef aan de binnenkant om de band op zijn plaats te houden, en op deze dunste plek begint een opgeremde velg vaak met scheuren. Nieuw is een velg daar misschien 1.2mm dik, en als je een gescheurde velg opmeet is daar meestal  nog 0.6mm van over.
gscheurde velg
Noppenbanden zijn ontwikkeld voor gebruik in het terrein, of ontworpen op een ruig aanzien in de showroom! Op de gewone weg maakt zo'n stekelvarken vooral lawaai. De hoge rolweerstand en het onzekere bochtgedrag op verhard zijn ook geen pluspunten. Op asfalt is een 'city'profiel of zelfs een dikke slick aan te raden. Plan je toch onverhard terrein, zoek dan een profielband met een doorlopende centerrib.

Kostenraming (Minimumprijzen v ATB met Shimano afmontage)
 
Achterdrager (Blackburn kloon, zoals Bor Yeuh etc)  €  20
Voordrager  €  20
Nieuwe banden (2* buiten)  €  25
Bar-ends  €  12.50
(Bij een gebruikte ATB moet je ook rekening houden met compleet nieuwe tandwielen (va €75), nieuwe velgen/wielen (€45-100), en denk ook aan remkabels en blokjes en misschien nog een bidonhoudertje)

Dure naven
Traditioneel was het zeer verstandig om in een vakantiefiets speciale tournaven (Phil Wood, Maxicar etc) te gebruiken. De reden is dat het concept van de achternaaf niet veranderd werd, hoewel de freewheels wel steeds breder werden (pignons groeiden van 3 naar 6,7 of zelfs 8 versnellingen). De achteras moest dus steeds langer worden om door het pignon heen te komen, en door de langere hefboom boog de as steeds verder door. Die as kan daar niet tegen, en ook is het doorscheuren van de padden niet ongewoon. Speciale tournaven voor freewheels hebben daarom extra dikke assen, die wel recht blijven, en ook het scheuren van het frame tegengaan.
Shimano en Sachs cassettenaven (en nog enkele derivaten) lossen dit probleem op door de aslagers in het freewheel onder te brengen. Het vrij uitstekende aseind is nu zo kort dat zelfs met een flutasje (of een dure van titanium) doorbuigen verleden tijd is. Er zijn ook dure naven (oa Campagnolo en Hugi) die de aslagers nog wel op de ongunstige oude plek hebben. Die hebben dus wel extra zwaar uitgevoerde assen nodig, maar ook gekregen.

Schoenen
Fietsschoenen hebben een harde zool die de druk over de voetbeentjes verdeelt, en zijn dus zeer aan te raden. Bovendien zijn de meeste soorten te combineren met een klik-pedaal. Je kunt dan op steile heuvels ook trekken, en bovendien schieten je vermoeide voeten niet van de pedalen.  Klikpedalen zijn er in twee hoofdgroepen, race en atb. Racepedalen zijn per definite minder geschikt voor vakantie omdat de schoenplaatjes uitsteken, waardoor je op je hakken loopt en de halve supermarkt doorglijdt. ATB schoenen hebben een verzonken plaatje met een normale zool, en dat fietst (of als dat niet meer gaat duwt) een stuk efficienter. Er zijn ook ATB-pedalen met een combinatie van kooi en kliksysteem, zodat je met schoenplaatjes, maar ook met gewone schoenen kunt fietsen. Nadeel hiervan is dat je aldoor naar de goeie kant zit te vissen, wat op een zware vakantiefiets met tassen achterop kan tegenvallen. Bij Shimano mtb pedalen zijn ook losse plastic kooien verkrijgbaar, als je incidenteel met gewone schoenen wilt fietsen. Je moet dan zoeken naar een reflectorset, want ze worden gemaakt omdat je in sommige markten geen fietsen zonder pedaalreflector mag verkopen.

Licht
Zit er geen licht op de fiets, schroef het er dan voor de vakantie ook niet op. Met een LED-achterlicht op batterijen, en een zaklamp aan je helm of stuur geknoopt kom je ook door die donkere tunnels heen. Met een losse zaklamp kun je bovendien kaart en wegwijzers lezen.

Versnellingen
Vakantiefietsen hebben veel lage versnellingen, om met al die kilo's achterop toch boven te kunnen komen. Bij de keuze van het verzet moet je je bovendien realiseren dat op fietsvakantie de combinatie van slechte benen, tegenwind en lege maag niet uit te sluiten valt. Het psychologische voordeel van nog een 'versnelling over' hebben moet dan ook niet onderschat worden. Hieronder een subjectief lijstje wat je zo ongeveer minimaal nodig hebt aan eerste versnelling (kleinste voortandwiel-grootse achtertandwiel):
 
Noord Duitsland, Denemarken 42-26
Vlaanderen, West Frankrijk, Polen  39-28
Alpen,Ardennen, Engeland, Schotland 28-28
Wales, Lakedistrict  24-28

Testen
Ga voor je aan je grote trip begint een weekendje op pad met alles wat je denkt mee te moeten nemen. Dan kun je proberen of er met de fiets te fietsen valt, kom je er achter of de gewichtsverdeling een beetje klopt en of je geen vitale spullen mist!